Koek-kerstboompjes

Terug naar:   DE HOMEPAGE (beginpagina)     

DE VORIGE PAGINA

RECEPT VOOR:

1 grote kerstboom (circa 17 centimeter hoog) en

4 - 5 kleine kerstboompjes (circa 11 centimeter hoog).

INFO:

Zijn ze niet beeldschoon deze kerstboompjes? En dat is niet alles, ze zijn ook nog eens lekker.

 

De boompjes zijn niet moeilijk om te maken, ze bestaan uit opgestapelde stervormige koekjes. Ze kunnen circa 1 week van te voren gemaakt worden.

 

TIP De kerstboompjes zijn natuurlijk geweldig als (tafel) decoratie, maar de kleine zijn ook erg leuk om aan het einde van het kerstdiner te serveren als dessert (vooral kinderen zullen er blij mee zijn).


BEREIDINGSTIJD: Dit is geen recept voor haastige 'koks' en de benodigde tijd is sterk afhankelijk van de handigheid en ervaring van de 'kok' en de beschikbare ruimte.

 

De volgende tijden zijn een benadering en geven enigszins een idee.

VOORBEREIDEN: 10 - 20 minuten  -  DEEG MAKEN: 20 minuten  -  KOEKJES UITSNIJDEN: 30 - 45 minuten -  KOEKJES BAKKEN (oven voorverwarmen, 2 x een bakplaat met koekjes bakken en de koekjes er afhalen): 1 uur  -  GLAZUREN: 1 - 2 uur.


VOORBEREIDEN:

Druk het sterrenpatroon voor de koekjes af en knip de sterren uit.

 

Maal de walnoten in de mengbeker van de keukenmachine in kleine stukjes (hooguit zo groot als gebroken rijstkorrels). Tip: Doe dit zorgvuldig, te grote stukken zorgen er voor dat het uitgrolde deeg straks niet goed uitgesneden kan worden.
 


BEREIDEN DEEG:

Vet een bakplaat in. Tip: Weinig ruimte? Schuif hem dan tijdelijk weer even in de oven.
 

Doe de gemalen noten, het zelfrijzend bakmeel, de suiker, de vanillesuiker, het kaneel -en het gemberpoeder in een schaal  en meng alles goed door elkaar.

 

Leg de boter op het mengsel in de schaal en snijd de boter - met twee messen of een mes en een vork - in blokjes.

 

Breek het ei en doe het in de schaal bij het mengsel voor het deeg.

 

Voeg 4 eetlepels water toe en roer met een vork in de schaal tot er geen natte plekken meer te zien zijn.

 

Kneed de inhoud van de schaal met de handen verder tot een gelijkmatig en soepel deeg en vorm er - als het klaar is - twee ongeveer even grote ballen van.

Bestrooi het werkblad met bakmeel en leg het deeg er op.  Strooi ook wat bakmeel op het deeg.

 

Rol een bal deeg met de deegroller uit tot een deeglap die circa 3/4 centimeter dik is (dat is zo dik als een potlood). Doe het wat dikte betreft zo gelijkmatig mogelijk, de vorm van de deeglap is niet belangrijk.

 

Steek - met behulp van het uitsteekrondje of een glas 6 rondjes uit het deeg en leg ze  - met enkele centimeters afstand van elkaar - op de bakplaat.

 

Snijd met behulp van de patronen zoveel mogelijk sterren uit het deeg. Let op: Haal de sterren niet meteen één voor één uit het deeg - laat het deeg op z'n plek liggen tot het snijden klaar is.

 

Maak voor de grote boom 2 x alle sterren.

Maak voor de kleine boompjes (per boompje) steeds 2 x ster C, 2 x ster D en 2 x ster E.

 

Tip: Niet alle sterren kunnen ineens uit de deeglap gesneden worden. Om de tel niet kwijt te raken is het handig om steeds 1 boom te maken. Begin met de grote boom, maak daarna de kleintjes. Tel de sterren steeds even na voor ze op de bakplaat gelegd worden: De grote boom heeft 10 sterren, een kleine steeds 6.

 

Tip: Begin met de grote sterren, de kleine sterren passen vaak ergens in de overgebleven hoekjes.

 

Tip: Kies voor het snijden een puntig (aardappelschil) mesje (gebruik op een kwetsbaar werkblad de botte kant).

 

Haal - als de sterren gesneden zijn - de stukken deeg die er niet bij horen tussen de sterren uit. Leg ze opzij, ze worden later weer gebruikt.

 

Haal de sterren van het werkblad en leg ze - met enkele centimeters afstand van elkaar - op de bakplaat.

Tip: Een pannenkoekenmes of een kaasschaaf is een handig hulpmiddel voor de grote sterren.

 

Rol de tweede deegbal uit en verwerk die op dezelfde manier als de eerst ook tot sterren.

 

Leg sterren op de bakplaat tot hij vol is. Leg de overgebleven sterren - die niet op de bakplaat passen - opzij.

 

Verwarm de oven voor en bak de sterren op de bakplaat meteen (zie: BAKKEN) of doe dit pas later om chaos te voorkomen.

 

Verder:

*Kneed alle restanten deeg weer soepel (voeg - als het niet lukt - 1/2 eetlepel water toe) en rol het deeg weer uit. Maak er ook sterren van en leg ze opzij tot er weer een bakplaat beschikbaar is.

 

Herhaal vanaf  * tot alle boompjes klaar zijn. Tip: Er is natuurlijk nooit genoeg deeg om precies op een hele boom uit te komen, maak van een restje deeg dat overblijft koekjes om straks na het bakken (met wat glazuur er op) op te eten.
 


BAKKEN:

Haal het ovenrek uit de oven (dat is handig om de koekjes straks op af te laten  koelen).

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius (gasoven stand 3-1/2 ).

Schuif de bakplaat in het midden van de voorverwarmde oven en bak de sterren gaar in circa 20 minuten, ze zijn goed als de punten net lichtbruin zijn.

Tip: Af en toe in een oven met een dichte deur kijken kan geen kwaad, maar verlengt de baktijd wel.

Haal de bakplaat - als de sterren klaar zijn - uit de oven ( laat de oven aan  om verder te bakken).

Maak de sterren los van de bakplaat (met bijvoorbeeld een pannenkoekenmes of kaasschaaf) en laat ze afkoelen op een  schone theedoek op het ovenrek (of op het werkblad).

Als de sterren makkelijk los gemaakt konden worden hoeft de bakplaat voor de volgende portie sterren niet opnieuw ingevet te worden. Zo niet vet de bakplaat dan weer in en leg de resterende sterren op de bakplaat. Bak ze op dezelfde manier als de voorgaande.

 


GLAZUREN:

Sorteer de koekjes: Leg steeds alle koekjes voor één boom bij elkaar:

Voor de grote boom: 1 rond koekje en 2 x alle sterren (A t/m E).

Voor de kleine boompjes (per boompje) steeds 1 rond koekje en 2 x ster C, 2 x ster D en 2 x ster E.

 

Doe 1/3 deel (= 50 gram) van de poedersuiker in een kommetje en roer er 2 theelepels citroensap en 2 theelepels water door. Voeg zonodig nog iets water toe, maak de glazuur ongeveer zo dik als yoghurt.  Tip: Let op met water, de glazuur wordt snel te dun (voeg als dat gebeurt extra poedersuiker toe om hem weer dikker te maken).

 

Maak later - als de glazuur op is - op dezelfde manier (nog 2 x) een nieuwe portie glazuur.

 

Maak van een plastic zakje een spuitzakje (Tip nodig? Klik dan hier) ,vul het spuitzakje met glazuur en knip er een piepklein puntje af.  Tip: Doe niet te veel glazuur in het zakje (dat is onhandig) en maak - als het een kliederpartij wordt - af en toe een nieuw spuitzakje.
 

Pak van elke boom één klein sterretje (1 x E - ze komen later rechtop boven op de boompjes) en bespuit ze aan één kant met glazuur. Leg de geglazuurde sterretjes opzij en laat ze drogen.
 

Maak de grote boom:

Leg alle overgebleven koekjes voor de grote boom op een rij.  Spuit - om de koekjes zo meteen aan elkaar te lijmen - op het midden van alle koekjes een flinke dot glazuur (laat de punten van de sterren ruim vrij).

 

Plak één van de twee grootste sterren (A) op het ronde koekje (met het midden van de beide koekjes boven elkaar).  Plak de andere grote ster er iets gedraaid boven op: Doe dat zo dat de punten van deze ster midden tussen de punten van de eerste ster komen.  (Tip: Dit is te zien op de foto-tjes hiernaast, onder in de linker kolom).

 

Ga verder met sterren plakken (in de volgorde (2 x B) (2 x C) (2 x D) (1 x E) - van groot naar klein) tot ze op zijn. Draai ze - net als de eerst twee - steeds iets zo dat de punten weer verspringen ten opzichte van de vorige ster.

 

Tip: De sterren liggen goed als ze om en om recht boven elkaar liggen (de derde en vijfde ster liggen dan recht boven de eerste ster -  de vierde en zesde boven de tweede, enzovoorts.

 

Maak de kleine boompjes op de zelfde manier als de grote: Een rond koekje met daarop de sterren (2 x C) (2 x D) (1 x E)  - van groot naar klein).

 

Keer de sterretjes die boven op de boompjes komen om als ze droog zijn en glazuur de ander kant.

 

Maak de 'sneeuw' op de boompjes - Tip: Werk van boven naar beneden -  en decoreer ze met pilletjes. Let op: Gebruik de decoratiepilletjes niet voor erg kleine kinderen, die kunnen er in stikken als ze zich er in verslikken. Waarschuw ook (discreet) familieleden met een kunstgebit.... ze zijn hard!

 

Plak tot slot de overgebleven sterretjes- met een klodder glazuur - rechtop boven op de boompjes (Tip: Even kort vasthouden tot de glazuur iets stijf wordt -  wil het echt niet, breek dan iets van de onderste puntjes af).

BENODIGDHEDEN:

 

EEN PRINTER voor het afdrukken van

HET STERRENPATROON VOOR DE KOEKJES (Klik daarvoor hier)

EEN UITSTEEKRONDJE OF EEN STEVIG GLAS (doorsnee circa 5 tot 6 centimeter)

 

EEN OVEN

EEN BAKPLAAT

EEN DEEGROLLER

 

EEN KEUKENMACHINE MET DE (GLAZEN) MENGBEKER MET HET MES (om de walnoten fijn te maken)

 

voor de koekjes:

100 gram (gepelde) walnoten, zie: Tip (hieronder)

300 gram zelfrijzend bakmeel

75 gram suiker

2 zakjes vanillesuiker

3 theelepels kaneel (poeder)

1 theelepel gemberpoeder

1 ei

100 gram boter of harde margarine (uit een pakje) op kamertemperatuur Tip: Vergeten? Zet (afgewogen) boter uit de koelkast 10 - 20 seconden op een schoteltje in de magnetron).

 

voor het glazuur:

circa 150 gram poedersuiker

circa 1 eetlepel citroensap

enkele plastic zakjes (met een rechte onderkant)

verder

olie (om de bakplaat in te vetten)

enkele eetlepels bakmeel (voor het uirollen van het deeg)

decoratie pilletjes (bij de bakartikelen in sommige supermarkten)

 

eventueel (voor het serveren) 

gebaksschoteltjes (of kleine bordjes) een rol wit keukenpapier of (dikke) witte papieren servetten en kleine takjes conifeer.

 

eventueel (om de boompjes te verpakken):

cellofaan en rode linten. 

 


Tip:

De koek-kerstboompjes kunnen ook zonder noten gemaakt worden. Gebruik dan voor het deeg 400 gram zelfrijzend bakmeel (in plaats van 300 gram).

 


SERVEERTIP (voor kerstboompjes die als nagerecht dienen):

 

Zet voor elk boompje een gebaksschoteltje klaar.

 

Knip - voor de 'sneeuw' onder de boompjes - cirkels uit wit keukenpapier of servetten en leg ze op de gebaksschoteltjes.

Tip: Gebruik een mal en teken de cirkels voor het knippen eerst af met een balpen. Neem daarvoor - afhankelijk van wat er bedekt moet worden - één van de gebaksschoteltjes of een ander kleiner schoteltje (of maak een cirkelvormig stuk papier met een passer).

 

Zet de boompjes op het papier op de schoteltjes.

 

Druk bobbels in het papier plat en leg op de (eventuele) kreukels die daarbij ontstaan een takje conifeer.


 

Hieronder is op de linkse foto het begin van een klein boompje te zien (bij de grote boom verdwijnt het ronde koekje helemaal onder de eerst ster).

 

 

Op de rechtse foto is te zien dat de tweede ster ten opzichte van de eerste gedraaid is (en hoe de punten van de tweede ster dan tussen die van de eerste in liggen).

 

 

 

TIP: Dit recept afdrukken? Gebruik de functie Bestand - Afdrukken (Engels: File - Print) van de Browser

Terug naar:   DE HOMEPAGE (beginpagina)     

DE VORIGE PAGINA

Hoewel deze pagina met veel zorg is samengesteld, kunnen er fouten in staan. ' De Kooktips Homepage' aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid  voor eventuele schade, ontstaan door het gebruiken van informatie op deze pagina. Het auteursrecht (copyright, ©) en alle andere van toepassing zijnde commerciële rechten, zijn onverkort voorbehouden aan 'de Kooktips Homepage'